Gezinnen krijgen minder financiële ruimte dan verwacht door inflatie en belastingen
Het CPB heeft de koopkrachtverwachting flink naar beneden bijgesteld. Voor 2026 verwacht het planbureau nog een stijging van 0,6% in plaats van eerder 1,4%, en in 2027 daalt de koopkracht voor het eerst in jaren met 0,3%.
Die neerwaartse bijstelling is fors. Een mediane huishouden met €50.000 bruto inkomen ging er eerder nog van uit €700 per jaar meer te kunnen besteden in 2026. Nu blijkt dat slechts €300 te zijn. En in 2027? Dan gaat datzelfde huishouden er zelfs €150 op achteruit.
De hoofdoorzaken zijn hardnekkigere inflatie door hogere energie- en brandstofprijzen en lastenmaatregelen die doorwerken in 2027. Kortom: je loon stijgt wel, maar je belastingen en boodschappen stijgen harder.
Niet iedereen wordt even hard geraakt. Werkenden en uitkeringsgerechtigden gaan er gemiddeld 0,4% op achteruit in 2027, terwijl gepensioneerden juist een plus van 0,5% kunnen zien door de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Vooral paren zonder kinderen onder AOW-leeftijd worden geraakt, met een daling van rond 0,5%.
Wat betekent dit voor jouw huishoudboekje? Ga ervan uit dat je in 2026 en 2027 een strakkere begroting hebt dan je misschien hoopte. Dit is het moment om je vaste lasten onder de loep te nemen: energiecontract, verzekeringen, abonnementen. En zorg voor een degelijk noodfonds van 3 tot 6 maanden uitgaven voordat je extra gaat aflossen of beleggen. De marge op je maandbudget wordt simpelweg kleiner.
De economie groeit nog wel, maar die groei komt gewoon minder bij gezinnen terecht. Reken dus op minder financiële ruimte en focus op budgetdiscipline en bufferopbouw.


